FILOGOPOLIS

de stad waar het woord de weg wijst

Slowakije: Trencin

In Trencin liggen roze, gele, witte, blauwe en mintgroene huisjes aan de voet van een overal bovenuitstekende rots. Helemaal op de top daarvan troont een imponerende burcht, de belangrijkste trekpleister van het middelgrote provinciestadje in het noordwesten van Slowakije.

Het plaatsje kent een lange geschiedenis. Al in de klassieke oudheid lag het op een belangrijke handelsroute die de Romeinen bereisden om Baltische jaspis - een bepaalde soort edelsteen - over te vervoeren, maar pas vanaf de 13e eeuw wordt je blik op de stad gedomineerd door een robuust kasteel en begon het stadje langzaam aan macht uit te stralen. Het for dat op de resten van een Slavische uitzichttoren was gebouwd, kwam achtereenvolgens in handen van Hongaarse en Habsburgse overheersers, die het verscheidene malen lieten verbouwen en uitbreiden.

 Vandaag de dag voelt de bezoeker zich met name gegrepen door het sublieme uitzicht dat je van bovenaf op bossen en heuvels hebt. Als je door een van de woonruimtes loopt, en je je de vadsige heer voorstelt die daar in zijn leunstoel bij de haard zat en door zijn laaggeplaatste raam uitkeek over zo’n rijke verzameling witbesneeuwde daken, voel je haast de afgunst jegens zijn machtsvertoon in je opwellen.

Dat je in zo’n klimaat, waarin je intuïtief de Oost-Europese legendes dichter op je huid voelt zitten dan je Nederlandse bed, plotseling geconfronteerd kunt worden met Hollandse schilderkunst, brengt wel even een komisch verrassingseffect teweeg. De zeventiende-eeuwse Slowaken keken blijkbaar vol leergierigheid naar ‘onze’ meesters, van wie ze niet alleen de stijl maar ook de thematiek overnamen. Zo verbeeldt bijvoorbeeld een van de schilderijen die je in de museumzalen van het fort kunt bewonderen de slag bij Texel tussen de Engelsen en de Nederlanders (1673).

Om nog even terug te komen op de volksverhalen: aan een kasteel hoort onlosmakelijk een smeuïge legende verbonden te zijn. De burcht van Trencin huisvestte in de 14e eeuw een machtige landheer, Zápol’sky van Trencin genaamd, over wie men het volgende verhaal vertelt.

 In een veldslag tegen de Turken had deze koning Zápol’sky een Turkse prinses gevangen genomen, Fatimah heette ze. Terwijl zij in het fort vast zat smeekte een nobele Turk, haar geliefde Omar, om de vrijlating van het meisje. Zápol’sky zorgde er echter voor dat daar niets van in 'huis' kwam. Zelfs door Omars grote sommen geld liet hij zich niet omkopen. Was er dan iets anders dat hij voor hem kon betekenen? De kasteelheer dacht een poosje na, en liet hem weten dat een waterput hem wel diensten zou kunnen bewijzen. Een put had hij namelijk nog niet bij de hand omdat de praktisch 100 meter hoge rots waarop de burcht stond zo moeilijk te doorboren was. Omar ging echter toch aan de slag, en na jaren van harde arbeid leverde hij een prima watervoorziening af. Zápol’sky zou daar zo van onder de indruk zijn geweest dat hij de prinses stante pede liet gaan. De dramatische versie van de legende vertelt echter dat de wrede koning, ondanks Omars fantastische prestatie, niet te vermurwen was en Fatimah in een vaste greep bij zich hield. Van verdriet stortte Omar zich toen in zijn zelfgegraven put.

Foto: een bontgekleurde rij winkelpanden aan een witbesneeuwde straat, die aan de voet van een hoge rots met een zandkleurig kasteel met puntdakjes liggen.

Je staat nu middenin Slowakije, bereikbaar via het station Filogopolis centraal.

Bezoek ook eens de algemene en inleidende pagina over Slowakije.

Wandel terug naar de Agora, het centrale plein van FILOGOPOLIS.

Lees het laatste nieuws in onze stadskrant, de Logos.

Vraag de weg in het Tourist Office.

Zie ook de website van Trencin