FILOGOPOLIS

de stad waar het woord de weg wijst

voorstelling Piet

Zoals alle goede dingen berust ook Filogopolis op een vrouwelijk, mijn vriendin Karlijn, en een mannelijk principe, ondergetekende. Mijn naam is Piet Devos, 23 jaar oud, en hoewel oorspronkelijk uit West-Vlaanderen afkomstig ben ik intussen in het hoge noorden verzeild geraakt: samen met Karlijn woon ik momenteel in de buurt van Amsterdam.

In juni 2006 ben ik afgestudeerd als vertaler Frans – Spaans aan het Antwerpse Hoger Instituut voor Vertalers en Tolken (HIVT). Gezien mijn grote passie voor literatuur, wil ik me in de toekomst gaan toeleggen op literair vertalen. Daarom had ik ook als onderwerp van mijn afstudeerscriptie het werk van de Chileense avantgardedichter Vicente Huidobro gekozen. Wie daar overigens meer over wil lezen, kan daarvoor terecht op de Avenida Huidobro.

Voordat ik me aan concrete beroepsactiviteiten wil gaan wijden, hoop ik evenwel mijn theoretische bagage nog wat te verruimen. Vandaar dat ik sedert september 2006 een twee jaar durende MPhil-opleiding Literatuurwetenschap aan de Leidse universiteit volg. Hierin concentreer ik mij m.n. op de negentiende- en twintigste-eeuwse Latijns-Amerikaanse letterkunde.

Maar naast lezen en vertalen behelst literatuur nog een gebied: schrijven. Sinds een aantal jaren tast ik de taal ook van binnenuit af: het begon met gedichten en reisreportages, maar later kwamen daar ook verhalen en essays bij. Tot nog toe heb ik, behalve op websites, niets gepubliceerd. Toch hoop ik binnen afzienbare tijd ook in het zogeheten papieren circuit een eerste dichtbundel of roman te kunnen uitgeven.

Zou ik ook professioneel als vertaler willen gaan werken? Misschien wel, maar toch nog niet meteen volgend jaar.

Ik dien wel nog even voor alle duidelijkheid te vermelden dat ik sedert maart 1989, ik was toen net 5, volledig blind ben. Het was het gevolg van een zeldzame erfelijke aandoening, Retinablastoom namelijk, die het netvlies aantast. De eerste symptomen zijn vastgesteld op mijn linkeroog toen ik amper 6 maanden oud was, en om uitzaaiingen te voorkomen ben ik daarom geruime tijd in behandeling geweest. Ik heb dus tot mijn vijfde maar uit een oog kunnen zien. Mijn zicht bedroeg toen wel ongeveer acht tiende, wat toch nog vrij goed was. Wat de opgeslagen beelden uit die periode betreft, ik heb me altijd het levende bewijs gevoeld van het feit dat een kind een ware schat aan informatie opslaat gedurende de eerste levensjaren. Je kunt het bijna niet zo gek bedenken, of ik kan een plaatje ervan uit mijn geheugen opdiepen. Of het nu om een beeld van bekende stripfiguurtjes, een olifant, een kikker, de Eiffeltoren of gewoon de gezichten van familieleden gaat, het maakt niets uit, want vergeten doe ik ze niet. En dit zijn dan nog concrete voorstellingen, maar ook veel abstractere begrippen zoals kleuren en hun schakeringen, licht en schaduw kan ik nog steeds visualiseren. Zo heb ik er ook geen enkel probleem mee om me voor te stellen hoe de huizen in de verte, door de perspectief, almaar kleiner worden of hoe parallel lopende rails schijnbaar elkaar gaan kruisen. Kan ik met mijn beperking leven? Absoluut. Op vijfjarige leeftijd behoort ook zo’n gebeurtenis tot de gewone gang van zaken. Je aanvaardt je handicap alsof het een evidentie is. Het klinkt misschien vreemd, maar indien die al zou bestaan, dan is 5 jaar wel “de ideale leeftijd” om blind te worden. Ieder kind komt dan immers in een belangrijke overgangsfase, omdat het leert lezen en schrijven, naar de basisschool moet. Ik kon net als alle anderen naar het eerste leerjaar en begon braille te leren. Op die manier liep ik geen achterstand op ten opzichte van mijn leeftijdsgenootjes. Ik kreeg dus dezelfde kansen als een ander wat betreft sociale ontwikkeling, voornamelijk na mijn integratie in het reguliere onderwijs. Pas veel later heb ik daar ten volle het belang van begrepen.
Dankzij twee basishulpmiddelen – de witte stok en de brailleregel (hierdoor wordt de computer toegankelijk) – ontdek je plotseling dat een zelfstandig leven allerminst een utopie hoeft te zijn. Ik ben me terdege bewust van de grote rol die mijn ouders hierin hebben gespeeld, want zij hebben mij altijd gestimuleerd om te integreren.

Jarenlang heb ik ook fanatiek geschaakt. Nu is dit de voorbije jaren wel sterk verminderd, hoewel ik nog steeds regelmatig met veel plezier een partijtje speel of schaaklessen geef. Het leuke is wel dat het ene interessegebied je het andere kan binnenloodsen, te weten reizen. Ik heb immers vele vakanties besteed aan het spelen van internationale wedstrijden, wereldkampioenschappen en olympiades, en bijgevolg heb ik in die periode veel gereisd. Ik heb hierdoor vreemde culturen ontdekt die me gingen intrigeren. Het heeft me altijd gefascineerd mensen te ontmoeten die er van jongs af aan andere gewoonten, denkpatronen en levenswijzen op nahouden dan wij.

Zo ben ik in september 2002 naar de Poolse stad Wroclaw vertrokken om er gedurende negen maanden in het kader van het EVS-programma (European Voluntary Service) als vrijwilliger te gaan werken. Mijn taak bestond er aanvankelijk in taallessen te geven in een zogenaamd “blindeninstituut” – alleen al de naam! Uiteindelijk ben ik ook lezingen gaan geven over inclusief onderwijs, heb ik mee een kunstworkshop en een zomerkamp helpen organiseren… Een bijzonder leerzame tijd was dat. Maar dat kan ik net zo goed zeggen van mijn semester als ‘Erasmiaan’ aan de universiteit van Alicante.

Tot slot nog iets over de virtuele stad waar je je nu bevindt. Ik had al lang een webstekje willen uitbouwen, maar de technische know-how ontbrak mij ten enenmale. Toen ik echter Karlijn ontmoette, groeide langzamerhand het idee samen aan de slag te gaan. Het moest een plek worden waar creativiteit de voornaamste levensvoorwaarde werd. Toen was het ontstaan van FILOGOPOLIS niet veraf meer.

Foto: Een statig, witgekalkt pand met zwarte decoraties en hoge trappen aan de voorzijde. Het gebouw staat aan een natgeregend plein waar het in weerspiegeld wordt.

Deze kennismaking met Piet vindt plaats in het stadhuis.

Wandel terug naar de Agora, het centrale plein van FILOGOPOLIS.

Lees het laatste nieuws in onze stadskrant, de Logos.

Vraag de weg in het Tourist Office.