FILOGOPOLIS

de stad waar het woord de weg wijst

Lezen met Manguel: De Tartaarse woestijn van Dino Buzzati

We beginnen ons Lezen met Manguel-project met De Tartaarse woestijn (eveneens vertaald als De Tartaarse steppe en Eenzame vesting) van Dino Buzzati. Iedereen wordt van harte uitgenodigd om de roman met ons mee te lezen. Hieronder bevindt zich een discussieforum dat altijd opengesteld blijft en waar elke leesliefhebber zijn of haar reacties op het boek neer kan schrijven.

En wat is het dan wel voor boek waar we nu mee te maken gaan hebben? De Italiaan Buzzati, schilder, schrijver en journalist, zegt dat het geboren werd "uit de monotone routine van het nachtelijke redactiewerk dat ik in die tijd deed. Vaak had ik het idee dat dit ritme eindeloos door zou moeten gaan en dat ik dan op zo'n zinloze wijze mijn hele leven op zou gebruiken. Het is een algemeen gevoel, denk ik, met name van mannen, vooral omdat zij degenen zijn die in hun bestaan vastzitten in het tijdsschema van de stad. De overplaatsing van dit idee in een verzonnen militaire wereld is voor mij op een haast instinctieve manier gegaan."

Wat we hieruit kunnen opmaken, is dat je als lezer van De Tartaarse woestijn wordt overgeheveld naar een realiteit die een grootse metafoor is van het moderne leven. In dit vaak magisch-realistisch genoemde kader van Buzzati maken we kennis met de jonge soldaat Giovanni Drogo, die naar een verlaten fort wordt gestuurd om daar de eerste tijd van zijn dienst door te brengen. Hij komt er echter nooit meer weg; het fort houdt hem, net als zijn mede-militairen, stevig in zijn greep. Niet omdat er een strijd van belang woedt, nee, het is zelfs tamelijk rustig in de omgeving. Er hangt echter wel een zekere dreiging van buitenaf in de lucht die de mannen onophoudelijk in een routineuze spanning dwingt.

Wat lezers al zeiden

Karlijn
"Het Fort is een onbehaaglijk toevluchtsoord," stelt Manguel vast. Ikzelf zou er ook niet graag in vertoeven. Allereerst voel je je er ongemakkelijk omdat het wordt gereguleerd door een bizarre wetgeving. Neem bijvoorbeeld het vaststaande wachtwoordensysteem. Bij het betreden en het verlaten van het Fort moet er een bepaalde code opgegeven worden die elke dag anders is. "Ik herinner me mijn gevoel van afgrijzen (ik voel het nu weer) bij de gedachte gevangen te raken in Drogo's nachtmerrie van dagelijkse geheimen - geheimen die aan slechts één bevelvoerende officier zijn toevertrouwd, die zijn geheugen kan verliezen of kan verdwalen." Giovanni Drogo zelf verbaast zich er (althans in het begin van het boek) over dat deze idiote regelgeving niet simpelweg verstoten kan worden. Hij denkt terug aan de gewone burgelijke wereld waarin hij onlangs nog vertoefde, maar die onbereikbaar ver - zowel fysisch als mentaal - van het Fort lijkt af te staan. Daar is het leven, met zijn zoetigheid en vertier, veel aangenamer. En daar gaat alles op een veel natuurlijkere (en zo ook logischere) manier in zijn werk. Daar wordt je doen en laten niet in toom gehouden door zulke vervelende ingestelde beperkingen. Of lijkt dat alleen maar zo, wil Dino Buzzati ons duidelijk maken dat ook de vrijheid van ons, burgermensen, slechts een illusie is?

Een andere vreemde toestand waarvan de jonge Giovanni Drogo zich al gauw bewust wordt, is de 'vijand' die zich schuilhoudt in de mist van de Tartaarse woestijn aan de rand waarvan het Fort gevestigd is. De soldaten voelen zich op elk moment startklaar om de komende aanval van de Tartaren te lijf te gaan. Niet dat ze er ooit mee geconfronteerd zijn, maar toch lijkt de dreiging ervan alomtegenwoordig. Manguel:

"Drogo moet geloven dat de Tartaren bestaan en een bedreiging vormen, zodat hij kan uitzien naar een kans om tegen ze te vechten. Hij moet in de Vijand geloven.

Vorige week in de krant: in weerwil van het besluit van de Verenigde Naties hebben acht Europese regeringsleiders officieel hun steun aan Bush betuigd (...). Misschien moet hij in een andere Vijand geloven nu de communistische dreiging is verdwenen."

Hoe surrealistisch het schouwspel met de soldaten in de eenzame vesting ook lijkt, in werkelijkheid is het dus wel degelijk toepasbaar op onze reële maatschappij. Er zijn nog veel meer paralellen die je kunt trekken, zoals Manguel ook doet:

"De wachtwoorden om het Fort in of uit te gaan zijn tijdsafhankelijk. Omdat ze elke dag veranderen, loopt een soldaat die ze vergeet het gevaar voor altijd buitengelsoten te worden. Codewoorden moeten het bestaan reguleren van elke soldaat. De gecodeerde legertaal, de gebruikelijke oorlogstaal, probeert de wereld in een willekeurige, maar duidelijke context te plaatsen. Zonder die taal zou een conflict onmogelijk zijn.

Buzzati's methode van wachtwoorden sluit aan bij de ondubbelzinnige woorden van Bush: goed en kwaad, zij en wij, zwart en wit, goed en fout."

Welke ideeën, gedachtenspinsels en interpretaties komen er bij jullie, andere Tartaarse woestijn-lezers, nog meer naar boven? Wat wil het ons doen inzien over onze maatschappij, denken jullie? Laat alle associaties maar vrijelijk opborrelen!

Piet
De strakke regelgeving die het leven op het Fort in overzichtelijke en vooral controleerbare banen moet leiden, doet me heel vaak denken aan Kafka's slot. Met name het voorval met de artillerist die te laat bij de poort verschijnt, het wachtwoord niet kent en dus door een schildwacht wordt neergeschoten. Wat hierbij vooral beklemmend werkt, is het feit dat die schildwacht toevallig ook een vriend van de artillerist is. Maar dat moet hij, met het geweer geschouderd, even vergeten. De man voor de poort is niet meer zijn vriend maar een vreemdeling, een buitenstaander die zelfs na de derde aanmaning het wachtwoord, en zoals voorgeschreven in het reglement, onder vuur moet worden genomen. De soldaat heeft geen last van zijn geweten wanneer hij de trekker overhaalt, hij vervult immers alleen zijn plicht. De verantwoordelijkheid ligt bij het onpersoonlijke systeem; het individu wordt een radertje dat moet gehoorzamen, omdat de machine moet blijven draaien. In dit geval zijn het de militairen, bij Kafka zijn het de ambtenaren die nooit persoonlijk ter verantwoording kunnen worden geroepen.

Gerda
Heb vorige week het boek uit de bieb geleend en ik moet zeggen dat de vergeelde bladzijden bij mij al een beetje een muf magazijn gevoel oproepen. Ik heb het nog niet uit, maar wat mij nu al opvalt is de mysterieuze, stille sfeer om het hele verhaal. Een soort stilte voor de storm. Een citaat zal wellicht helderheid geven:
'Maar op een bepaald punt, wanneer je je instinctief omdraait, zie je dat er een poort achter je is dichtgegaan, die het onmogelijk maakt om dezelfde weg terug te gaan. Dan voel je, dat er iets is veranderd, de zon schijnt niet langer onbeweeglijk, maar verplaatst zich met grote snelheid, je hebt zelfs geen tijd om er naar te kijken, want hij nadert al de lijn van de horizon, je merkt ook dat de wolken aan de blauwe hemelkom niet roerloos blijven hangen, maar dat ze elkaar als het ware voortjagen; je begrijpt, dat de tijd voorbijgaat en dat er eens een einde moet komen aan je tocht'.
(...)
'De rivier over - zullen de mensen zeggen - dan nog tien kilometer en dan ben je er.
(...)
Totdat Drogo helemaal alleen zal blijven (...) en met een wanhopig gebaar antwoorden: 'het goede ligt ver, heel ver achter je en je bent eraan voorbij gegaan zonder het te weten. (..) Het zal dan te laat zijn om terug te keren'.
We blijven, in dit leven, steeds weer zoeken naar gouden schatten, maar zouden we niet beter tevreden kunnen zijn met ons deel wat we nu hebben?
(Het gras bij de buren is niet groener!)
Wordt vervolgd:)

Gerda
Jammer hoor Drogo. 30 jaar lang heb je gewacht en waarop? Roem en eer?
Wat maakt je leven echt belangrijk en zie je de schoonheid ervan, lijkt de volgende vraag te zijn.
Thea Beckman zei in 'Zwerftocht met Korilu': Mensen die steeds haast hebben, ontmoeten geen wonderen. Voor Drogo gaat dit niet op, hij heeft geen haast, wacht al zijn hele leven.
Ik wil er dus aan Beckman toevoegen: 'Mensen die oogkleppen ophebben en die niet af willen (laten) nemen zullen deze ook nooit ontmoeten.'
Ineens schiet me een gezegde te binnen:
'Wie niets wil, heeft alles.'

Piet
Wat me erg aangreep, was Drogo's ontmoeting met de jonge luitenant. Intussen is hijzelf kapitein geworden en vindt hij het maar vreemd en zelfs gênant dat de ander, een pas afgestudeerde officier, hem zo vriendschappelijk aanroept. En plots dringt het tot hem door dat hij deze situatie al eens heeft meegemaakt, maar dan in de andere rol, namelijk toen hij als groentje voor het eerst naar het Fort reed en kapitein Ortitz tegenkwam. Buzzati heeft op die manier een krachtige spiegeling in zijn boek verwerkt, waardoor de eerste en de laatste hoofdstukken samenvloeien. Drogo is blijven wachten, maar waarop? Het herinnert aan het lot van zoveel migranten die boordevol hoop naar Europa komen. Steeds nieuwe barrières doemen voor hen op, eerst de moeilijke tocht erheen vaak als verstekeling, vervolgens het overleven in de illegaliteit, dan de vreemde taal, de andere cultuur, het vinden van een baan, de discriminatie, etc. Maar hoe dan ook, misschien hebben zulke mensen op Drogo tenminste voor dat ze zoeken en niet blijven wachten tot ze erbij neervallen.

Karlijn
Jullie reacties lezend, vermoed ik dat jullie allebei het boek al uit hebben gelezen (of in elk geval al heel wat verder zijn dan ik). Ik loop wat dat betreft dan nog iets achter, maar dat mag de pret natuurlijk niet bederven om ook een kleine bijdrage te leveren.

Als ik het me goed herinner Gerda, citeerde je uit de droom die Drogo 's nachts eens had. Ergens heb ik het gevoel dat die droom het hele boek nog eens in een notendop symbolisch samenvat. Drogo leeft zijn leven maar door, op zoek naar iets, wachtend op iets. "We blijven, in dit leven, steeds weer zoeken naar gouden schatten, maar zouden we niet beter tevreden kunnen zijn met ons deel wat we nu hebben?" Veel mensen hebben er last van, denk ik. Ze leven gehaast en denken aan wat ze nog te wachten staat in de toekomst, maar staan niet stil bij het moment. Ze denken aan het werk dat nog in stapels op hun bureau ligt, maar vergeten het aangename warme lentezonnetje dat door de ramen schijnt. Mensen die zo bezig zijn kunnen volgens mij ook nooit echt genieten. Ze lopen met oogkleppen op vooruit, ja.

Piet, je associatie met migranten doet me denken aan een klein mopje dat Manguel citeert:
Moos ontmoet zijn vriend Jacob op weg naar buiten uit hun sjetl.
'Ik vertrek naar Amerika,' zegt Jacob. 'Straks ben ik ver weg.'
Moos: 'Ver weg waarvan?'

Gerda
Piet, je schreef dat de ontmoeting van Drogo met de luitenant je aangreep. Mij ook. Hij had het wel een beetje laat door, vond ik, hoe hij zelf als jong ventje aankwam en de rollen omgedraaid waren.
Je vergelijking met migranten; Ze nemen wel een risico ja.
Misschien had Drogo het risico moeten nemen om met zijn vriendinnetje mee te gaan naar het 'wonderschone Holland'. :)
Heel smakelijk, dat de molens en tulpen bekend zijn geworden tot in het kale grauwe fort.

Karlijn, het is wel handig om het 'Dagboek van een lezer' er op na te slaan. Ik denk dat ik het nu zou lezen (voor de tweede keer) weer andere ontdekkingen zou doen. Wat Manguel vindt, ben ik namelijk al weer vergeten.
Heb je Buzzati inmiddels al uit?


Karlijn
Gerda, je maakt me nieuwsgierig met je opmerking over molens en tulpen in het grauwe fort! En, zoals daar wel uit valt af te lezen, heb ik Buzzati nog altijd niet uit. Zonde natuurlijk...

Heb jij Manguels stukken over Buzzati nog kunnen nalezen? Je ziet, nu je De Tartaarse woestijn uitgelezen hebt, vast weer heel nieuwe dingen die je eerst nog niet opgemerkt had. Laat je indrukken maar horen! :)

Het is misschien een mooi moment om een nieuwe vraag op te werpen. Wat te lezen na Buzzati's De Tartaarse woestijn? Welke romans doen je er aan denken?

Ik zal de spits afbijten met Michail Lermontovs Een held van onze tijd. De hoofdpersoon van dit boek kun je wel de tegenpool van Drogo noemen: hij is altijd op zoek. Hij probeert vanalles uit in zijn leven, maar met alles wat hij bemachtigt of bereikt gaat hij zich na een poosje altijd weer vervelen. Hierdoor is hij nooit tevreden, en blijft hij altijd maar op zoek naar iets dat hem nieuwe bevrediging kan schenken.

Gerda
Tja, welke boeken doen mij aan Buzzati's werk denken? Daar heb ik niet direct een pasklaar antwoord op. Wel wist ik dat ik na dit werk even totaal iets ander wilde lezen.
Ondertussen heb ik een heel stapeltje boeken verslonden, waaronder een aantal kinderboeken. Een titel deed me in de lach schieten, zeker nadat ik de vraag op het forum tot me door liet dringen.
De titel van het humoristische kinderboekje luidde:
'Toen niemand iets te doen had'.

Geschreven door Toon Tellegen. Misschien ook een held van onze tijd..:)

Praat zelf ook mee over De Tartaarse woestijn

Naam:


Bericht:


Foto: Een hoge hal, rijk gedecoreerd en met een kroonluchter aan het plafond. Je ziet verschillende verdiepingen, die allemaal een sierlijke balustrade hebben en uitkijken op de begane grond.

Voor Lezen met Manguel is er geen toepasselijkere plek te bedenken dan de Bibliotheek. Deze is gevestigd op het Literaplein.

Wandel terug naar de Agora, het centrale plein van FILOGOPOLIS.

Lees het laatste nieuws in onze stadskrant, de Logos.

Vraag de weg in het Tourist Office.