ß
Maxine Hong Kingston, ofwel de ik-verteller in haar eerste autobiografische roman De krijgsheldin, wordt als oudste dochter van Chinese immigranten in de VS (California) geboren. Hoewel beiden hoog opgeleid maar het Engels niet machtig moeten haar ouders doorgaans werkdagen van 14 uur kloppen in hun stoomhete wasserij, en dan nog kunnen ze het, ondanks de voortdurende hulp van hun talrijke kroost, maar ternauwernood rooien. Toch zetten ze koppig door met een onbreekbare werklust. Daarnaast tracht Maxines moeder - Dappere Orchidee die vroeger in Canton medicijnen heeft gestudeerd - haar kinderen de beginselen van de Chinese cultuur bij te brengen, dit in schril contrast met de stugge, zwijgzame vader.
Dankzij deze praatverhalen van Dappere Orchidee, elke avond voor het slapengaan, waarin bijgeloof, mythe, legende en familiegeschiedenis naadloos in elkaar overvloeien, en later op de Chinese school, die ze elke dag na afloop van de lessen op de Amerikaanse basisschool bezoekt om ideogrammen te leren lezen en schilderen, maakt de kleine Maxine dus geleidelijk aan kennis met het land dat haar familie ooit voor de communisten is ontvlucht. Langzamerhand groeit in haar het ontzag voor een verfijnde, glorieuze cultuur - gestoeld op duizenden jaren oude verteltradities en een onverzoenlijk arbeidsethos -, evenredig met haar weerzin tegen het uitgesproken mysogiene karakter ervan, waardoor het baren en (op)voeden van meisjes over het algemeen als een verspilling wordt beschouwd.
Een kras voorbeeld van de ongeciviliseerde praktijken waaraan deze diep verankerde vrouwonvriendelijkheid met name op het Chinese platteland mee ten grondslag ligt, verschaft ons het openingsverhaal van het boek "Vrouw zonder naam". Wanneeer Maxine voor het eerst ongesteld is geworden en Dappere Orchidee haar dochter wil attenderen op het gevaar van een ongewenste zwangerschap, dist ze het tragische relaas op over Maxines tante. Toen aan het licht kwam dat dit meisje, pas volwassen en nog ongetrouwd, het kind van een onbekende minnaar verwachtte, hadden de dorpelingen haar ogenblikkelijk verstoten, zodat haar familie zich wel genoopt zag haar ook dood te zwijgen. Ten einde raad had het arme schepsel zich ten slotte samen met haar baby in de waterput verdronken.
In het dromerige tweede deel "Witte tijgers" laat Maxine, hiermee de hoop uitsprekend op een milder lot dan haar onfortuinlijke tante, haar fantasie de vrije loop, en ziet zichzelf als de legendarische, onverschrokken krijgsheldin Fa Mu Lan, over wie Dappere Orchidee de meest adembenemende avonturen vertelt en die haar oude, verzwakte vader eeuwen geleden terzijde stond in diens rechtvaardige strijd tegen het despotische bewind van de keizer. Nadat ze hoog in de bergen vijftien jaar lang getraind is in de gevechts- en toverkunsten door een mysterieus, semi-goddelijk echtpaar, trekt Maxine/Fa Mu Lan aan het hoofd van haar almaar uitdijende troepenmacht op naar de hoofdstad en brengt onderweg in een tentenkamp haar kind ter wereld. De oorlog eenmaal in haar voordeel beslecht, keert ze terug naar haar dorp waar ze bedaard de moederlijke en echtelijke taken aanvaardt die op haar wachten. In tegenstelling tot de klassieke rollenpatronen echter is het, in deze uitgesponnen mijmering, zijzelf die bepaalt waar en wanneer ze zich aan het gezinsleven wil wijden en niet de verstikkende conventies.
Toch zouden we de gelaagdheid van het werk tekortdoen, indien we het louter over de subtiel gecamoufleerde, maar niettemin moeilijk te negeren, feministische agenda van de roman hadden. Het duurt namelijk niet lang of Maxine, die vanwege haar iele stemmetje en beschadigde tongriem slechts heel moeizaam leerde spreken, verruilt het zwaard voor de pen. Had de heroïsche Fa Mu Lan zonder de geringste kik de ideogrammen die wraak symboliseren nog in haar rug gekerfd, nu voelt Maxine op haar beurt hoe het geschreven woord in haar binnenste woekert. Het kluwen verhalen dat zich in haar ophoopt en zowel het China uit de herinneringen van haar ouders als de Amerikaanse stad waar ze opgroeit omvat - in haar moeders perceptie de woonplaats van "de blanke geesten" -, laat zich in zijn zoektocht naar een uitlaatklep niet langer indammen. Met het onstuimige proza dat uit deze onstuitbare expressiedrang voortkwam en waarmee Hong Kingston internationale faam verwierf, heeft ze dan ook de traditie van het zogenaamde "verhalen praten", die de Chinese vrouwen uit vroegere generaties - zoals Dappere Orchidee - in ere hielden, voor afsterven behoed, zij het dan door middel van het schrift. Maar waar deze tekst misschien nog sterker de aandacht op vestigt is dat, zolang er verteld kan worden, er ruimte blijft voor instabiele betekenis, en dus voor zingeving en interpretatieve vrijheid.
Geschreven door: Piet
Reageren op besproken boeken? Dat kan via de Bibliobus
Je bevindt je nu in een van de leeszalen van de Bibliotheek (in de afdeling boeken uit Noord-Amerika) die gevestigd is op het Literaplein.
Wandel terug naar de Agora, het centrale plein van FILOGOPOLIS.
Lees het laatste nieuws in onze stadskrant, de Logos.
Vraag de weg in het Tourist Office.
Artikel extra muros, op een andere website:
Maxine Hong Kingston
Copyright © FILOGOPOLIS