FILOGOPOLIS

de stad waar het woord de weg wijst

De mythische taalval in Vicente Huidobro's Altazor

Doorgaans wordt een rigoureus onderscheid gemaakt tussen enerzijds het modernisme, dat met zijn mediumspecifieke benadering en intellectualisme het door fragmentatie bedreigde subject moest beschermen tegen de shockervaring van de moderniteit en dat de maatschappelijke autonomie van de kunst voorstond, en anderzijds de historische avant-gardes - of de 'vanguardia' als tegenhanger daarvan in Spaanstalige landen -, die door middel van hun heterogene vormexperimenten het publiek provoceerden en juist tegen de institutie van de kunst wilden ageren. Hoe zinvol en effectief een dergelijk stromingenmodel ook blijkt te zijn in literatuuronderzoek, met name als heuristisch middel, het belemmert veelal onze blik op de bredere historische context waarbinnen de ermee gecategoriseerde teksten niet alleen zijn ontstaan, maar waarvan ze ook zelf het karakter mede hebben bepaald en op (in)directe wijze een veelzeggend getuigenis afleggen. In het geval van de Chileen Vicente Huidobro (1893-1948) heeft dit ertoe geleid dat behalve zijn voortrekkersrol binnen de Latijns-Amerikaanse vanguardia vooral de overeenkomsten tussen zijn persoonlijke esthetiek, het "creacionismo" (creationisme), en de cubistische theorieën van o.a. Pierre Reverdy meermaals werden benadrukt, terwijl andere aspecten van zijn omvangrijke oeuvre die in dezelfde formalistische optiek wellicht 'modernistisch' aandoen vooralsnog sterk onderbelicht zijn gebleven.

In dit artikel zal ik dan ook proberen deze enigszins eenzijdige visie te doorbreken en mij richten op de mythische thematiek in Huidobro's Altazor (1931) die wellicht veeleer herinnert aan modernisten als W.B. Yeats en James Joyce. Daarbij ga ik vooral uit van de vraag in hoeverre we aan Hogevalks allegorische val door de interplanetaire ruimte al dan niet een (tekstueel) ordenende functie kunnen toeschrijven. Om hierop te kunnen antwoorden zal ik een beroep doen op, ten eerste, Claude Lévi-Strauss' antropologische en cultuurhistorische beschouwingen over mythen en, ten tweede, de zogenaamde 'mythical method' zoals deze door T.S. Eliot werd geïntroduceerd in de literatuurkritiek. Na een korte inleiding over de door hen ontwikkelde concepten zal ik deze inzetten bij de eigenlijke analyse van Huidobro's gedicht door ze meer bepaald te verbinden met de centrale motieven in de tekst, de vallende mens en diens desintegrerende taal.

Om verder te lezen in dit artikel, kies uit één van de volgende bestandsformaten:
word of pdf

Foto: Rotsen aan een oceaanblauwe zee waarop enkele mensen zitten te mijmeren. Ook zijn er mensen die je bovenaan ziet lopen, tegen een achtergrond van een rij witte flatgebouwen.

Om het hele artikel te lezen, kies uit één van de volgende bestandsformaten:
word of pdf

Dit artikel is gevestigd aan de Avenida Huidobro, en die komt uit op het Literaplein

Wandel terug naar de Agora, het centrale plein van FILOGOPOLIS.

Lees het laatste nieuws in onze stadskrant, de Logos.

Vraag de weg in het Tourist Office.