Bijna een jaar geleden besprak ik De Tweeling, het boek van Tessa de Loo, op Filogopolis. Ik was er destijds niet erg laaiend over, want hoewel je er boeiende ideeën over 'goed' en 'kwaad' in oorlogstijd in terugvindt, kwam het geheel me wat al te gekunsteld over. Pas geleden zag ik dan de verfilming, een kassucces uit 2002.
Nu vind ik boekverfilmingen eigenlijk een bizar fenomeen. Het is verbazingwekkend hoeveel romans er op het witte doek verschijnen. Waarom zou een regisseur zijn toevlucht tot een boek nemen, vraag ik mij dan af, in plaats van zelf een verhaal te bedenken dat wellicht direct al veel beter is aangepast voor het medium film?
De visuele uitdaging lijkt me een van de belangrijkste redenen. Kijk maar naar The Lord of the Rings: J.R.R. Tolkiens wondere fantasiewereld biedt geweldige mogelijkheden voor filmmakers om indrukwekkende beelden te scheppen.
Soms krijg je echter het idee dat het mensen alleen om het economische aspect te doen is. Dit of dat boek is een bestseller, dus laten we er ook direct de filmrechten maar van kopen! Dat het op de koop toe nog een aardige prent wordt ook, is dan mooi meegenomen.
Het interessantst zijn de verfilmingen van regisseurs die zo zijn geraakt door een bepaalde roman, dat ze er diep over na zijn gaan denken en er eigen ideeën over hebben ontwikkeld. Hun film blijkt uiteindelijk een inspirerend antwoord op het boek. Een beter voorbeeld dan Visconti's Death in Venice bestaat vermoedelijk niet.
En waar bevindt De Tweeling zich in dit spectrum? Het verfilmen van het levensverhaal van de twee uiteengerukte Duitse zusjes - de één groeit op in een welgesteld Nederlands gezin, de ander in een armoedig boerenmilieu in Duitsland - is een ambitieus project. Meer dan vierhonderd bladzijden, en zo'n 70 verstreken jaren moeten in nauwelijks twee uur nog een zinvol geheel vormen. Noodgedwongen moesten er dan ook verschillende, en zelfs belangrijke, scènes weggelaten worden, en krijgt de kijker van de overgebleven delen alleen nog de hoogtepunten te zien.
Als je de roman al gelezen hebt, lijkt de film daarom als in een supersonisch tempo door de tijd heen te razen. Er moeten veel gebeurtenissen aan bod komen, en die moeten elkaar het liefst zo snel mogelijk opvolgen. Begrijpelijk, maar wat je overhoudt is een versimpeling van de werkelijkheid die in de film haast alleen nog uit climaxen lijkt te bestaan. Het is daarom een teleurstelling ten opzichte van het boek, dat namelijk wèl veel ruimte bood aan allerlei nuanceringen. Kortom: het gedachtegoed uit Tessa de Loo is behoorlijk tenietgedaan.
De film is dus niet erg bijzonder te noemen, maar nog altijd wel genoeg om de moeite waard te blijven. Dit is voornamelijk te danken aan de acteerprestaties. Vooral de jonge Anna en Lottte (Thekla Reuten en Nadja Uhl) zetten hun rollen overtuigend neer.
Regie: Ben Sombogaart.
Jaar: 2002.
Door: Karlijn
Deze film draait ergens in het doolhof dat de Filogopolitische Filmzalen zijn die tot de Bioscoop behoren.
Wandel terug naar de Agora, het centrale plein van FILOGOPOLIS.
Lees het laatste nieuws in onze stadskrant, de Logos.
Vraag de weg in het Tourist Office.
Lees een impressie van het boek van Tessa de Loo in de Bibliotheek.
Recensies extra muros (elders):
NRC Handelsblad
Het Parool
Copyright © FILOGOPOLIS